· 

Het gezicht van de oorlog

Rudi Vranckx, het gezicht van de oorlog. Als er één journalist is die we deze titel mogen geven, is hij het wel. Al dertig jaar brengt hij verslag uit over de meest gruwelijke oorlogen maar ook over wat er na deze oorlogen overblijft: Niets dan verwoesting en verdriet. Het is ook de naam van zijn reeks lezingen die hij geeft over het hele land. Ik woonde die in Halle bij, een enorm verrijkende ervaring.

 

Nu hij even in België is, gebruikt hij zijn tijd om zijn ervaringen te delen en om toelichting te geven bij zijn nieuwe boek: “Mijn kleine oorlog: dertig jaar aan het front”. Het is een boek gevuld met allerlei dagboekfragmenten en belevenissen van de afgelopen dertig jaar. Een boek vol conflicten met een man in de hoofdrol die deze wil ontcijferen en begrijpen. De diepere betekenis achter wat gebeurt vinden en deze delen met de wereld is het doel. Hiervoor praat hij niet alleen met oorlogsvoerders maar vooral met de gewone mensen die werden geraakt zonder enige schuld te hebben in het verhaal. Hij brengt de verhalen van de ‘kleine’ mensen naar buiten. Het is voor hen vaak de enige manier om hun verhaal te delen met de wereld, Rudi dient hier als een spreekbuis en natuurlijk als een luisterend oor. Hij is iemand die een stem geeft aan de vaak vergeten bevolking die ook nog na de oorlogsvoering in oorlog blijft zitten. Vernielde huizen, lichamelijke schade en laat ons vooral de geestelijke schade die zoiets met zich meebrengt niet vergeten. Uiteindelijk kan Rudi niets veranderen aan de situatie, maar toch helpt hij de slachtoffers van oorlogen net door hun verhalen te delen. Zo draagt hij zijn steen(tje) bij door ervoor te zorgen dat zij niet vergeten worden en duidelijk te maken dat ook zij bestaan. In zijn boek schrijft hij over hoe hij de oorlog beleeft in allerlei verschillende conflictgebieden. Toch zijn het niet enkel de conflictgebieden die schuldig zijn aan de oorlog. Ook het westen dat betrokken is in het conflict, is een schuldige. Iedereen is schuldig als het over oorlog gaat, maar iedereen is tegelijkertijd ook onschuldig. Alles heeft er een diepere betekenis, een onverwerkt verleden als het ware. Natuurlijk zijn er enorm veel mensen die handelen uit pure waanzin en duidelijk een schuldige zijn, maar wanneer hun slachtoffers haat bestrijden met haat raak je in een vicieuze cirkel waarin oorlog de hoofdrol blijft spelen. Er is gewoonweg geen simpele ideale oplossing om oorlog te stoppen. Moest die er zijn, heerste er natuurlijk al lang vrede.

 

Rudi vertelde tijdens zijn lezing over wat voor hem de meest intense oorlog is geweest in al die jaren: de Iraakse oorlog van de laatste jaren. ‘Deze zit momenteel niet meer op een hoogtepunt’, vertelt hij, ‘maar wanneer het kalifaat uit één gebied vertrekt vestigen ze zich gewoon in een ander. Het is nooit voorbij’. Wanneer hij naar oorlogsgebieden trekt, bezoekt hij zoveel mogelijk ziekenhuizen omdat die het beste beeld geven van wat de oorlog doet. Niet de bikkelharde en gewelddadige strijd te midden van de bomaanvallen, maar wel de zichtbare gevolgen waar de burgerslachtoffers die vaak ‘collateral damage’ worden genoemd mee moeten leven. Allerlei mensen die wensten dat ze ook naar de hemel waren gegaan, net als hun familie. Al deze levens door de oorlog verwoest. Gelukkig zijn er hier en daar lichtpuntjes in de duisternis. Er bestaan nog mensen die hun uiterste best doen hun lotgenoten te helpen door middel van psychologische of lichamelijke hulp. Dokters die de ergste dingen hebben gezien maar waarnaar niet geluisterd of geen hulp geboden wordt door de rest van de wereld, ook met hen sprak Rudi. Zij konden hem dingen bijbrengen die niet algemeen bekend zijn omdat ze worden verdoezeld door de autoriteiten. Zo bereikt het aantal zieke mensen of het aantal ziek (of met een handicap) geboren kinderen een piek tijdens de periodes van oorlog en toch wordt dit niet onderzocht. Rapporten hieromtrent verdwijnen in de onderste lade en worden voor altijd verborgen gehouden. Niemand wil zijn verantwoordelijkheid opnemen voor het leed en dus verbergen ze het maar. Rudi kreeg één van de rapporten over zulke taferelen in zijn handen en heeft ze doorgespeeld naar de Europese Unie die daarop één van de dokters met wie hij sprak liet komen getuigen. Heel even werd er aandacht besteed aan dit probleem. Er werd zelfs een tentoonstelling over deze oorlogsziektes gehouden, vertelde Rudi. En daarna? Niets meer. De slachtoffers leven nog steeds in dezelfde omstandigheden.

 

Er werden tijdens de lezing ook enkele korte filmfragmenten getoond van kinderen die hij ontmoette die sinds de geboorte volledig misvormd zijn, die hun littekens van kogels die door hen heen gingen laten zien en van moeders en vaders die radeloos naast het ziekenhuisbed zitten en wachten op beterschap die er wellicht nooit zal komen. Hartverscheurend en uitzichtloos. Buiten dokters voor het lichaam zijn er ook dokters voor de geest die hun best doen de slachtoffers te helpen. Een vrouw genaamd Basma die Rudi heeft kunnen volgen tijdens haar tocht van vluchtelingenkamp naar vluchtelingenkamp werd ook getoond in een filmpje. Ze is één van de mensen die met de slachtoffers probeert te praten over wat ze hebben meegemaakt. En dan vooral met de meisjes die door wrede mannen werden verkocht en als slavinnen werden gebruikt. Basma praat met duizenden van deze meisjes in de hoop er toch een paar aan het praten te krijgen en een verwerkingsproces in gang te zetten. Maar is verwerken wel mogelijk wanneer je nog steeds in problemen leeft, vraag ik me af. Niet alleen ziektes door de oorlog worden verborgen en betwist, maar ook massamoorden en aanslagen worden voor de buitenwereld verborgen. Zo werd het dorpje Kocho volledig veroverd door strijders en werd het leven van iedereen die dit dorp als zijn of haar thuis beschouwde hen afgenomen. Mannelijke inwoners werden stuk voor stuk vermoord terwijl de moordenaars het tafereel filmden om er later propaganda van te maken. De vrouwelijke inwoners werden meegenomen en verkocht en de kinderen werden in opleidingskampen opgeleid tot diezelfde strijders als hun families het leven hebben afgenomen. Dit is wat drie mannen die het als bij wonder overleefd hebben, vertelden. Rudi was op het juiste moment op de juiste plaats om hen te interviewen en door zijn verslaggeving hierover is Amnesty International kunnen inspringen.

 

Dit is nu de kracht van journalistieke verslaggeving. In het algemeen probeert Rudi een beeld te schetsen van de oorlog en deze te reconstrueren door naar alle partijen te luisteren. Wat de slachtoffers meemaken vertelt één kant van het verhaal, wat de aanvallers zeggen vertelt een andere kant en wat diezelfde groep deelt op sociale media om nieuwe rekruten te lokken vertelt een derde kant. Door middel van al deze informatie samen te brengen, brengt Rudi een beeld naar buiten dat zo waarheidsgetrouw mogelijk is en op die manier leren wij in het westen ook hoe het er echt aan toe gaat. Ik vermoed dat je nooit volledig een conflict kan snappen zonder erbij te zijn en face-to-face met deze mensen die te midden van het conflict geboren zijn en er niets aan kunnen doen te praten. Toch krijgen we door Rudi en zijn team de nodige informatie om ons correct te informeren, iets wat in deze tijd van ‘fake news’ en propaganda o-zo-belangrijk is. Het belangrijkste om te beseffen vindt hij dat oorlog niet stopt wanneer het niet meer in het nieuws komt, het gaat gewoon door. Mosoel bijvoorbeeld mag nu wel bevrijd zijn, maar het puin ligt nog overal in het rond, de lijken zijn nog steeds niet opgeruimd en tijdens de laatste Iraakse verkiezingen zijn de stemmen uit Mosoel als bij toeval allemaal vernietigd. Niemand neemt zijn verantwoordelijkheid en de inwoners worden achtergelaten met de gevolgen. Dit klimaat is een brandhaard voor nieuwe conflicten. Het hoeft helemaal geen man met een lange baard en een doek over zijn hoofd te zijn die aanslagen pleegt. Iedereen wiens familie uitgemoord werd en op een punt komt waar niets hem of haar nog kan schelen, kan de waanzin voorbijgaan en een massamoordenaar worden, vertelde Rudi. Het is een systeem van haat en vergelding met religie als een excuus. Stabiliteit lijkt alleszins nog ver weg. Niet alleen in de ‘probleemgebieden’ zoals wij ze in het westen graag noemen, maar ook in de rest van de wereld. Alle conflicten groot of klein zijn op een bepaalde manier met elkaar verbonden, het is dus een probleem van de wereld en niet van een bepaalde regio. Het wordt tijd dat we het verleden achter ons laten en opnieuw beginnen met vrede als basis maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan.

 

Dit is in grote lijnen de indruk die Rudi Vranckx ons meegaf tijdens een zeer interessante lezing. Als studente journalistiek koester ik niets dan respect en bewondering voor wat hij bijdraagt aan de wereld.

Door deze man die zijn leven letterlijk riskeert voor zijn job, krijgen wij waarheidsgetrouwe informatie rechtstreeks van de bron. Het vergt veel moed om deze soort journalistiek uit te oefenen, laat staan dertig jaar aan een stuk... en het is nog niet voorbij! Hij wil alles wat hij gezien heeft opvolgen en zien hoe het er nu verder gaat, maar ergens beseft hij ook dat je af en toe moet loslaten al doet het pijn. 

Reactie schrijven

Commentaren: 0